De beuk (Fagus sylvatica) is een plant uit de napjesdragersfamilie (Fagaceae). Het is een van nature in Europa voorkomende boom. Beuken worden 200 tot 400 jaar oud.
De wetenschappelijke naam van het geslacht is afkomstig van Latijn fagus (beuk) mogelijk van het Griekse phagein (eten) verwijzend naar de eetbare nootjes van de beuk. De soortaanduiding sylvatica is afgeleid van Latijn silva (bos) betekent in de bossen in het wild groeiend.
De beuk kan tot 46 meter hoog worden. De stam is glad en grijs en de bast is dun, waardoor de boom bij plotse blootstelling aan zonlicht gevoelig is voor schorsbrand. Het blad is veernervig, licht gegolfd en licht glanzend.
De plant is eenhuizig; er zijn dus mannelijke en vrouwelijke bloemen aan dezelfde boom. De knoppen zijn langwerpig en geschubd. De bestuiving vindt plaats door de wind. De beuk kan goed tegen schaduw. Het is een climaxsoort. De beuk gedijt goed op vochthoudende, goed doorlatende, kalkrijke, leemhoudende bodem. Hij verdraagt hoge waterstanden of droge zandgronden niet. De boom leeft in symbiose met de schimmel mycorrhiza.



Reviews
There are no reviews yet.